Startpagina
Plasma-snijden
Het verschil tussen plasma- en autogeensnijden is dat bij het plasmasnijden het materiaal wordt gesmolten en door de energie van de plasmagasstroom uit de snede wordt verwijderd.
Bij autogeensnijden wordt het materiaal verbrand en wordt de slak uit de snede geblazen.
Door genoemd gegeven is het plasmasnijproces met name te gebruiken voor materialen die voor autogeensnijden niet geschikt zijn. Voorbeelden zijn o.a. roestvaststaal en aluminium.

Snijkwaliteit:
Het smeltproces bij plasmasnijden heeft bovenin de snede meer vermogen dan onderin.
Hierdoor zal de snede aan de bovenkant een ronding laten zien en heeft de gehele snede een conische vorm.

Voordelen zijn: 

  • Hogere snijsnelheden
  • Geschikt om, behalve koolstofstaal, o.a. ook roestvaststaal en aluminium te snijden.
  • Mogelijkheid om met 2 plasmatoortsen te snijden

Bereik Machine:
               STAAL                  RVS
Lengte     60000 mm             60000 mm
Breedte     5000 mm               5000 mm
Dikte            50  mm                150 mm